Klas 1 t/m 6
Leerstof als levensstof
Leerstof is geen doel op zichzelf. Het is een middel kinderen te helpen zich naar de eigen mogelijkheden te ontwikkelen. Het onderwijs is afgestemd op de levensfase waarin het kind zich bevindt.
Alle vakken worden op kunstzinnige wijze gegeven. Leerkrachten stimuleren dat kinderen zowel hoofd als hart en handen gebruiken in het zich eigen maken van de stof. Leerlingen maken bijvoorbeeld een gedicht, toneelstuk of boetseerwerk over een lesonderwerp. En zij leren vanuit beweging door ritmische hand en voetbewegingen.

De lesdagen zijn gestructureerd ingedeeld met een vast programma, dat de leerlingen rust geeft om te leren. Ze weten wat ze kunnen verwachten.
De Leeuwenhartschool werkt met een leerplan en leerdoelen, die door de onderwijsinspectie zijn goedgekeurd. Meer over toetsing leest u hier.
Voorbeelden en uitleg van vakken:
Taal
Taal is geïntegreerd in alle vakken. Motorische vaardigheden voor het schrijven oefenen kinderen bijvoorbeeld met tekenen en vormtekenen. Toneel spelen en gedichten voordragen zijn manieren om taalgevoeligheid en taalkennis te ontwikkelen (en goede oefeningen in sociale vaardigheden!). Door het maken van werkstukken op de computer leren de kinderen informatie te zoeken en verwerken.
Volgens de pedagogie van vrijschoolonderwijs leert het kind zich uit te drukken door klankbeleving en klankbeelden in het schrijven. Dat wil zeggen dat het kind door het luisteren naar verhalen via het hart en de handen, uiteindelijk de letters op papier zet. Eerst als letterbeeld, mooi getekend in kleur, en later als kale letter, gekoppeld aan de klank. Het kind beleeft de letter als het ware, en daarmee hecht de letter zich vast in het geheugen.
Rekenen
In de eerste klas wordt een vervolg gemaakt van het getalbegrip dat in spelletjes en liedjes in de kleuterklas is aangebracht. Eersteklassers leren rekenen vanuit de beleving. Hierdoor legt het kind een relatie met cijfers en verhoudingen die in zijn directe omgeving aanwezig zijn. Vanuit deze cijfermatige realiteit die aan den lijve wordt ondervonden, wordt het kind uitgedaagd stap voor stap met grotere abstracties te gaan werken. In de andere klassen wordt verder gewerkt aan de basisonderdelen zoals optellen, aftrekken, delen en vermenigvuldigen om in de hogere leerjaren uiteindelijk te kunnen rekenen met breuken, procenten en het metrieke stelsel. Iedere keer wordt het dagelijks leven als opstap gebruikt zoals de kassabon, prijs kwaliteit verhouding, bankzaken en verhoudingen op schaal zoals landkaarten.
Kunstzinnige en ambachtelijke vakken
Kunstzinnige en ambachtelijke vakken helpen het kind om de lesstof te beleven. Ook schoolt het kind ook zijn wilskracht. Om handen te laten doen wat het oog ziet is wilskracht nodig, zorgvuldig werken en oefenen tot het lukt.
Op de Leeuwenhartschool krijgen kinderen muziek (zingen en fluiten), toneel, euritmie (dansende bewegingsles), boetseren, tekenen, schilderen, vormtekenen, boetseren met klei en bijenwas, houtbewerken, handwerken en handvaardigheid. En ook ambachtelijke vakken als smeden, boekbinden en metselen.
Engels
Op jonge leeftijd kun je een goede basis leggen voor het leren van vreemde talen. Al in de kleuterklas maken kinderen spelenderwijs kennis met de Engelse taal door liedjes, versjes en Engelse spelletjes. De hogere klassen leren eenvoudige grammaticale regels , taalvaardigheid en Engelse vocabulaire.
Burgerschapsvorming
Kinderen bewust maken van hun plaats in een gemeenschap en leren welke rol ze daarin kunnen spelen. Dat is het doel van lessen burgerschapsvorming. De leerkrachten maken gebruik van verhalen uit uiteenlopende tijden en culturen en maken een vertaalslag naar de huidige samenleving. Zo komen de verschillende wereldgodsdiensten en de culturele diversiteit van Nederland aan de orde.
Computerles
Typen, internet, maar ook: hoe ga je op een gezonde manier om met internet en games?
Sociale redzaamheid
Praktische verkeerslessen. Maar ook oefeningen en gesprekken over: weerbaar zijn. Contacten leggen en onderhouden. Functioneren binnen een groep. Hulp kunnen vragen en kunnen bieden. Omgaan met gevoelens en rekening houden met gevoelens van anderen. Verantwoordelijkheid dragen voor eigen en andermans spullen. Kunnen omgaan met regels.
Wereldliteratuur
Verhalen vertellen is een vaste traditie op de vrijeschool en gebeurt vrijwel dagelijks. Het voedt het voorstellingsleven van kinderen. De verhalen zijn afgestemd op de ontwikkelingsfase, zodat kinderen zich erin herkennen en inspiratie in kunnen vinden voor de eigen levensweg.
Klas 1: Sprookjes
Klas 2: fabels en heiligen legenden
klas 3: Oude Testament
klas 4: Noorse Mythologie
klas 5: Griekse mythologie
klas 6: Romeinse tijd
Heemkunde of wereldverkenning
Leerkrachten maken leerlingen bewust van hun directe leefomgeving en de wijze waarop zij daarmee zijn verbonden. Kinderen leren bijvoorbeeld wat de relatie is tussen mineralen, planten, dieren en mensen en hoe deze elkaar nodig hebben. Zij maken kennis met de historische, culturele, sociale en economische ontwikkelingen van Oud-Beijerland. En leren windrichtingen, kompas en het tekenen van eenvoudige kaarten.
Aardrijkskunde
Bij aardrijkskunde leren kinderen bijvoorbeeld over dijkaanleg, kanalisatie en polders. Zij verwerven topografische kennis over landen, steden, wegen, rivieren en spoorlijnen. En zij volgen de productie van goederen, van grondstof tot eindproduct.
Geschiedenis
De rijke wereldgeschiedenis komt aan bod. Van vroege culturen tot en met de Griekse cultuur. Van opkomst tot ondergang van Rome, de volksverhuizingen en de Middeleeuwen. Van Karel de Grote, kruistochten en de pracht en praal van de islamitische rijken.
Biologie
Biologie gaat het om de samenhang van mens en zijn omgeving. Kinderen krijgen dierkunde, plantkunde en onderzoeken de dode minerale natuur in samenhang met plant, dier en mens.
Natuurkunde
De natuurkundeperiode is in de zesde klas en begint bij fenomenen uit het leven. Het zelf waarnemen en beschrijven van verschijnselen met betrekking tot geluid, licht, warmte, elektriciteit en magnetisme zijn belangrijk. Wat is er te zien, te ruiken, te voelen en te beleven? De zesdeklasser oefent zijn zintuigen en leert wetmatigheden.

